Volg ons op social media

Dekbeddenfabriek Texeler terug naar de basis

Martijn de Veij
Eigenaar dekbeddenfabriek Texeler

Martijn de Veij was nog maar zeventien toen hij in 1986 in dienst kwam van de Texelse dekbeddenfabriek Texeler. Hij schopte het tot bedrijfsleider, maakte een bedrijfsovername mee, begon samen met de oude eigenaar een concurrerende fabriek en mag zich sinds eind vorig jaar de enige eigenaar noemen van zowel de onderneming als alle bezittingen.

Martijn heeft een hectisch jaar achter de rug, vertelt hij. ‘In 2014 was ik eigenaar van het bedrijf geworden, eind 2017 gaf Dick Graaf te kennen ook van het pand af te willen. Hij is de zeventig gepasseerd en had zijn vrouw lang geleden beloofd haar geen gedoe met de verhuur van bezittingen na te laten. Wij wilden graag blijven, het pand past ons als een jas. Ik heb Maarten-Jeroen den Boer van Credion Texel daarom gevraagd of het haalbaar was om het over te nemen. Het moet kunnen, maar het wordt een lastig karwei, antwoordde hij. Het hele proces heeft uiteindelijk een jaar geduurd. Op 18 december 2018 zaten we bij de notaris.’

Texeler werd in 1984 opgericht door Dick Graaf, op het idee gebracht door een oude dame uit Oudeschild die thuis schapenwollen dekens maakte voor reuma- en diabetespatiënten. Hij kocht het procedé en begon met de productie van dekbedden. Vier jaar later trad Martijn bij hem in dienst. ‘We zaten toen nog in een klein pandje op het Weezenland in Den Burg. Ik kon gelijk beginnen met vegen, de dag erop mocht ik achter een van de machines. In de jaren erna ben ik het hele bedrijf doorgewandeld.’

Texeler beleefde gouden tijden. ‘Dick was net op televisie geweest bij Brandpunt in de Markt. Dat zorgde voor veel klandizie. Elk jaar verdubbelde zowel de omzet als het aantal medewerkers. Op een gegeven moment waren we met vijftig man, maakten we 500.000 dekbedden per jaar en waren we marktleider in Europa.’

Het succes bracht ook zorgen met zich mee. ‘Dick vond het een last, vijftig gezinnen die van hem afhankelijk waren voor hun inkomen. Hij zocht daarom een grote onderneming erachter voor meer zekerheid. Voorwaarde was dat het een Texels bedrijf was en dat de productie op Texel zou blijven.’

In 1999 vond Graaf een koper: RAB, groot geworden in de handel in olie en bouwmaterialen en eigenaar van een groot aantal vestigingen van Bouwcenter, Gamma en Karwei. Martijn bleef als bedrijfsleider, maar keerde na een paar jaar al weer terug naar Graaf. Die was ondertussen een experiment begonnen met de isolatie van huizen met schapenwol. ‘Dat ging aanvankelijk heel goed. Duitsland had een groene regering die subsidie gaf: het verschil in prijs tussen steenwol – de gebruikelijke manier van isoleren – en schapenwol. Maar de groene regering verdween en daarmee de subsidie. Jammer, want het was een mooi product.’

Ondertussen ging het met de verkoop van Texelse dekbedden een stuk minder. Martijn staat er liever niet te lang bij stil, maar het niet kunnen kiezen van een afzetmarkt – de detaillist of de groothandel – speelde wat hem betreft een belangrijke rol. Graaf zag het met argusogen aan en besloot in 2007 weer zelf dekbedden te gaan produceren en een nieuw bedrijf op te richten: Texelwool. Het vullen van de katoenen overtrekken gebeurde met een nieuwe machine, die Graaf speciaal had laten maken. ‘Het is een nogal technisch verhaal, maar de machine zorgde voor veel lucht tussen de wolvezels. En lucht is de beste isolator.’

Net als voorheen richtte Graaf zich vooral op de detaillist. Al snel werd genoeg geld verdiend voor een nieuw pand aan de IJsdijk. RAB gaf de concurrentiestrijd op, waarna Texelwool Texeler overnam. Toch duurde het succes maar kort. Martijn en zijn compagnon, die kort daarvoor mede-eigenaar waren geworden, wilden een grotere afzetmarkt aanboren. ‘Maar midden in de crisis werden de marges steeds kleiner en daar viel niet tegenop te produceren.’

In 2014 ging Martijn alleen verder. ‘We stonden er heel slecht voor. Gelukkig kwam Dick me tegemoet door me onder gunstige voorwaarden het pand en de machines te verhuren. We krompen in naar twintig medewerkers. Dat lukte zonder gedwongen ontslagen op het eiland. Nu leveren we eigenlijk alleen nog aan detaillisten. We hebben ongeveer duizend klanten, waarvan 950 in Nederland en België. En daarnaast nog wat in Zwitserland, Zweden, Japan, Zuid-Korea en de Verenigde Staten.’

Sinds 18 december 2018 is Martijn eigenaar van zowel het bedrijf als alle bezittingen. De overname was een langdurig proces, waarbij hij werd geholpen door Credion Texel. ‘Ik ben van A tot Z begeleid door Maarten-Jeroen den Boer en Hans Eelman. Leuk is dat ik nog met Hans heb gevoetbald. Dat voelde vertrouwd. Maar het gaat me er vooral om dat je moet doen waar je goed in bent. Ik maak dekbedden, zij hebben verstand van financiering. Ik kan alleen maar zeggen dat zij hun werk uitstekend hebben gedaan.’

Doorslaggevend volgens Credion Texel was dat uit de taxatie van de bezittingen bleek dat de machines een flinke waarde vertegenwoordigden. Stille reserves, die als eigen inbreng en als zekerheid bij de financiering konden worden ingezet. Martijn: ‘Het ging al een paar jaar goed en dat is van invloed geweest op de waarde van de machines. Als het slecht gaat, krijg je niet veel meer dan achttien cent per kilo voor het oud ijzer. Nu het goed gaat, zijn ze veel meer waard.’ De overname is grotendeels gefinancierd door ING, terwijl ook Graaf zich nogmaals soepel opstelde. ‘Dick heeft ons dit echt gegund en daar ben ik heel blij mee.’

Martijn kijkt optimistisch vooruit: ‘Onze kracht is dat we leveren uit voorraad, onze klanten hebben hun bestelling binnen 48 uur in huis. De hele productie is A-merk. Geen gedoe meer met goedkopere dekbedden van mindere kwaliteit waarmee je jezelf beconcurreert. De detaillisten waarmee we zakendoen, houden zich allemaal aan de adviesprijs. Bij ons gaat het om kwaliteit. Terug naar de basis.’

Door: Joop Rommets
Publicatiedatum: mei 2019

Word nu abonnee

ontvang 4 nummers voor € 24,95